zondag 12 augustus 2012

Zie ik daar enkele ogen twinkelen? Jawel hoor. Voor zij voor wie de vakantie al te lang duurt en de verveling toeslaat een laatste hoopje elektronisch vertier om de tijd te overbruggen tot ik jullie vergezel in een gezellig caféken. 

India deze keer. Ik was de grens nog maar halflings over of ik had al 2 reisgenoten. Met Patricia en Estel heb ik de afgelopen twee weken weer à volonté Spaans kunnen oefenen. Onze eerste stop was Varanasi. Zowel de tocht ernaartoe als de stad zelf was meteen een duchtige kennismaking met dit gekke land. 

We kregen de raad van een man om de lokale bus te nemen naar Gorakpur en daar dan over te stappen op de trein naar Varanasi. Dat viel echter niet in goede aarde bij de toeristenmaffia die ons aan een veelvoud van wat we betaalden een bus naar Varanasi wilden aansmeren. De arme man heeft het geweten. Na een uurtje bussen werd een doodzieke man de bus opgedragen. Achteraf beseften we dat hij misschien ook wel op weg was naar Varanasi, zei het dan als zijn laatste reis. In dit leven dan toch. 

Ondertussen hadden twee francaises zich aan het gezelschap toegevoegd. In een hectisch station vonden we geen plaats meer in sleeper class voor onze nachttrein. 2e klasse dan maar. Dit stond zowat gelijk aan niet slapen (tenzij je een baggagerek kan bemachtigen, wat we als India dummies natuurlijk niet konden) gezien er enkel zitplaasten zijn en zoals op heel dit continent zijn die plaatsen gemaakt naar het formaat van de microaziaat. Op het perron zagen we een hoop Indiërs vechten om in de eerste wagon te geraken. "Second class" gevolgd door "welcome to India" kregen we te horen van een Indiër die net iets te veel genoegen had in onze gelaatsuitdrukking. Achteraf bleek dat er gewoon minder plaatsen waren in de eerste wagon dan Indiërs die het niet zien zitten om een wagon verder te wandelen. Desalniettemin zat en stond de wagon behoorlijk vol mensen. Maar misschien was dat omdat wij zo niet-Indisch waren. Het werd me op voorhand verteld dat er nogal wat afgegaapt wordt in India. En ja hoor. Constant staren er meerdere van die typisch doordringende ogen je aan. Ook als je hen in de ogen kijkt blijven ze staren. als je dan na 10 minuten vriendelijk 'namaste' zegt lachen ze, of worden ze verlegen. Maar steeds stoppen ze dan met kijken. Net alsof ze dan pas doorhebben dat je weet dat ze je aankijken. Ik vind het in ieder geval niet erg. De gemiddelde Indiër mag toch ook iets aan het toerisme hebben.


Bomen op de Ganges, mensen en tempel in Varanasi

Varanasi other time

nog eentje vanop de rivier



Zo lang ze niet uit zijn op het leegzuigen van de toeristenportefeuilles zijn Indiërs supervriendelijk. Al is het soms moeilijk uit te maken wat nu net hun bedoelingen zijn. Dat merkten we meteen aan Moët, een vriendelijke student die toevallig voor onze neus zat op de trein en ons 2 dagen door Varanasi gegidst heeft. Geweldig toch... Varanasi is misschien wel de meest heilige plaats van India. Ze verbranden er dode mensen voor ze ze laten meedrijven met de Ganges. Niet het meest aangename zicht (vooral als je weet dat er 24 uur op 24 aan de lopende band lijken in vlammen opgaan), maar wel interessant om zien.

We hadden het geluk in Varanasi te zijn op de laatste maandag in een reeks van 4 waarop er vanalles gebeurt. Geen idee voor welke god het feest precies weer was, maar het was zo belangrijk dat 1000en in het oranje geklede mensen het de moeite vonden om uren in een rij aan te schuiven (alweer geen idee waarom juist eigenlijk, overdosis reizen vermindert de interesse zeker... Maar goed dat ik binnenkort naar huis kom). 's Avonds was er op ieder ghat een ceremonie met kaarsjes en wierrook en vooral veel volk. Gezellig!


Heel veel volk bij de ceremonie

het wat dan ook de moeite!

al die knappe Indiërs zeg, was ik een vrouw geweest...


De trein naar Agra, dat is een ander verhaal. Ik vernam dat het nieuws van 's werelds grootste stroompanne ooit ook tot in Europa geraakt is. Wel. We planden de trein te nemen om 10 uur 's morgens, maar eens in het station aangekomen had de trein twee uur vertraging. Na twee uur geen trein en na de vraag wanneer wel kwam het antwoord: "kom dat over een uur nog eens vragen". En dat antwoord hebben we zo wel enkele keren gehoord. Ondertussen hebben we ons eigenlijk nog redelijk geamuseerd. Kaarten, sudoku's, andere toeristen zoeken verwelkomen en zelfs gefilmd worden door Zee TV voor een reportage over de stroomonderbreking zo werd ons verteld. Ik denk niet dat ze uitgezonden werd trouwens, want niks te vinden op het internet. En dat verbaast me eigenlijk langs geen kanten want meneer de journalist was een zweetplek in levende lijve, dat zou echt niet staan op televisie. Goed, tegen 1u30 's nachts kropen we op onze trein. En een geluk bij een ongeluk. Voor de dagtrein hadden we sleeperclass gereserveerd. Een mens heeft niet veel nodig om gelukkig te zijn he...

Feest, den elentriek ging weer aan, applaus, gejuich en zo meer plezier!

beloning: hotel met zicht op de Taj Mahal... 

Beter overdag... 


en van wat dichter... (moest ik nu nog rechte foto's kunnen trekken...)



In Agra was het natuurlijk een dagje rond de Taj Mahal wandelen, wat had je gedacht. Mijn laatste wereldwonder van mijn grote reis. Maar Agra heeft meer te bieden dan enkel de Taj. Ook een van de mooiste forten in India en een baby Taj waren goed voor nog een dagje kuieren.


het rode fort van buiten 

en van binnen

de eigenaar van het restaurant vroeg ons een 'reclame'tekstje te schrijven in zijn boeksken


Na Agra is er eigenlijk niet veel meer gebeurd. We lieten de francaises achter, ontmoetten een Boliviaanse toffe peer Yuri in Jaipur, reisden door naar Pushkar waar we nog meer vrienden maakten en waar ik besloot mijn laatste week door te brengen. En dat alles omdat het hier zo rustig is en de meeste mensen me Dehli afgeraden hebben. Ondertussen zijn de vrienden al verder getrokken, behalve Yurietje, die blijft bij me tot ik naar Dehli ga. Van daar vlieg ik terug naar Belgenland. En maar goed ook. Want ik ben het bloggen een beetje beu.

Tot ziens!!

Juist ja, Indiërs nemen heel graag foto's van en met westerlingen. De papa van deze kleinen wilde eentje voor de collectie, de kleinen ietske minder

Schaken is populair in Pushkar

ook mooie apen op weg naar de tempel

Brahma schijnt zijn licht op het heilige dorp

als het regent doet het me denken aan Annapurna, waden door rivieren in plaats van wandelen op de weg... 

de bende tofferds die ik hier en onderweg tegenkwam

zonsondergang! een mooi einde... 



Zoenen voor elk!

vrijdag 27 juli 2012

Wat doet gij op internet? Het is zomer, je zou buiten moeten zitten, of op reis zijn... Och ja. Het is al goed. Maar beloof me erna een terrasje te doen! 

Ik zou jullie kunnen vertellen hoe ik in Kathmandu wachtend op mijn visum voor India nog maar eens een hoop tempels  bezoek, door de drukke en nauwe steegjes van de hoofdstad slenter en gelijkaardige zaken over Nepals tweede stad Pokhara. Versta me niet verkeerd, allemaal heel interessant. En mooi bovendien. Maar ik zou me er zo slecht bij voelen dat ik die tijd niet gebruik om te praten over een heel andere beleving. Het Annapurna circuit. 


Durbar van Patan

Ergens anders, zelfde Durbar

Durbar van Kathmandu, jammer dat ik niet proefde wat die jongen verkocht, dan hoefde ik het me nu niet af te vragen...


Een stoepa met vlagjes

Lake side Pokhara 

Wie haalt het namelijk in godsnaam (de eerste keer dat ik dit woord gebruik sinds het aanmaken van mijn blog me dunkt) in zijn hoofd om te gaan trekken in de Himalaya midden monsoon seizoen. Den dezen hier. Gevolg. Alles potdicht vanboven, alleen hele kleine gaatjes waar soms veel, soms weinig, maar wel altijd water doorkomt. Alles is daardoor constant nat, waardoor je ondanks het bloedheet is het toch een beetje frisjes hebt. Komen daar dan nog kleine ongemakken bij zoals bloedzuigers, spierpijn, een barstend hoofd en slaaptekort door hoogteziekte en joekels van blaren op de hielen vanaf dag twee en je verstaat dat het niet echt de plezantste belefenis van mijn wereldreis kan geweest zijn. 

Zever gezever! 

De tijd van mijn leven jongens! Serieus. Het gevoel terug in de bergen te zijn was gewoon fantastisch. De Himalaya zijn trouwens bergen in het kwadraat. Op 2000 meter zit je nog in een tropisch klimaat, toppen tussen de 5000 en de 6000 meter worden door de lokalen heuvels genoemd (want aja, er ligt geen sneeuw op) en voor het eerst in mijn leven voelde ik de invloed van ijle lucht.


Bij een leuke tijd horen meestal leuke mensen. Jawel hoor, een klein en heel plezant groepje. Ideaal om te trekken. Milinda en Judith uit Nederland, Morgan uit Frankrijk en Krishna, een dijk van een gids. 



Ok, het was regenseizoen. Maar dat gaf eerder een leuke afwisseling van paden met te brede rivieren om over te steken, of zelfs paden die riviertjes werden en hier en daar een landslide om over te klauteren. Op 12 dagen ben ik amper 2 keer nat geregend geweest terwijl we minstens 4 dagen in de zon gelopen hebben. (ben ik nu serieus over het weer bezig, Jezus, ik begin saai te worden...)



dag 1: rijstvelden...


... en rivieren


Vertrekpunt Besisahar ligt op een slordige 800 meter boven zeespiegel. Bijgevolg werd ik de eerste dagen vergezeld door een laagje zweet. Heerlijk. Samen waadden we door de paden langs rijstvelden en maakten we kennis met de vele hangbruggen langs het circuit (de ene al stabieler dan de andere). Na de eerste dag kirden we van geluk omdat de weergoden ons trakteerden op een eerste fantastisch zicht op besneeuwde toppen aan het einde van de vallei. De eerste van vele momenten met toenemende blijdschap waarbij we allen onze fotokodak tevoorschijn toverden. Take that, regenseizoenbashers! 



tadaaaa


De daaropvolgende dagen werd steeds meer duidelijk hoe indrukwekkend de Himalaya wel is. De valleien werden steeds stijler en de toppen torenden steeds hoger boven ons uit. Dit komt de frequentie van landverschuivingen echter niet ten goede waardoor de constructie van de weg die tot in Manang zou moeten aangelegd worden schijnbaar eindeloos is. Geiten en apen lijken minder moeilijkheden te hebben met hun steile biotoop.

dag 2: daar beneden liep ons pad, andere weg dan maar...


een van de vele hangbruggen. Met vlagjes, natuurlijk


regenseizoen geeft ook veel watervallen en groen. yes!


Een ravijn, een tak, wat is het verschil. Eten is eten zei de geit


stretchen en yoga met Krishna, want een zware rugzak geeft soms wat rugpijn (geen nood Marie, het was enkel de eerste drie dagen, daarna niet meer, ik heb me goed verzorgd) 


Hoe maak je een weg langs een verticale rotswand? En dan te bedenken dat daar over x aantal jaren bussen ver rijden... 

Iedere dag klimmen we zo'n 500 meter. En dat was aan de vegetatie te zien. van tropisch naar loof- naar naaldwoud. Nog hoger werden we steeds meer beschut van de regen door de Annapurna bergketen waardoor we de planten zagen krimpen. Iedere dag waande ik me op een andere plaats op de wereld. Vul de landen zelf maar in... foto's in overvloed! Droom droom.







Krishna in een patattenveld in Upper Pisang

Wij met broer Sebastian en zus Johanna uit Oostenrijk en hun gids Vishnu. Hoe meer zielen, hoe meer vreugd, dachten we, en we gingen verder











De zevende dag hadden we een rust- en/of acclimatisatiedag in Manang op 3500 meter. Na een korte wandeling naar een gletsjer en zijn meer sloeg de verveling al snel toe en besloten Morgan en ik dan maar elkaars haar te knippen met zijn tondeuze. Toch een beetje vertier die dag. En ja, we hadden ook nog een prachtig uitzicht.


Vishnu en Krishna aan het meer, de sloebers...


De volgende dag werd al snel duidelijk dat een dagje acclimatiseren geen overbodige luxe is. Het tempo werd ferm gedrukt en er werd naar adem gezocht. Nog een kleine 2000 meter te gaan. Wanneer je de 4000 meter nadert betekent het echter ook dat je een wereld van fascinerende dieren tegenkomt. Onderweg zien we vreemde knaagdiertjes, blauwe schapen en gieren die aan een opgezwollen paard zaten te knagen. In slaapplaats Yak Kharka (de naam zegt het zelf) zijn we op zoek gegaan naar yaks. En met succes, na een stevig klimmetje door de weide werden we omsingeld door de tweehoevige kolossen.

Nu al in de wolken. Zou dat veelbelovend zijn voor de dag dat we de pas over moeten? 

Gier! Niet gedacht je hier te zien...

in het veld, op zoek naar yaks 

Yes! daar hoger in de wolken!

Yes! ze komen naar beneden!

En yes! ik heb geen inspiratie meer! 



4000 meter betekend ook het einde van de nachtrust. Blijkbaar heb je om goed te slapen veel zuurstof nodig, want langer dan een uur aan een stuk lukte voor mij niet meer. Onze overnachting in High Camp de dag erop was dan ook behoorlijk kort. 2 uur kunnen slapen en om 4 uur opstaan om de pas over te geraken voor het begint te waaien, zo zei de gids. Ochtendstond geeft goud in de mond!


een eind boven de boomgrens, het wordt spannend!

tijd voor op adem komen, een groepsfoto


blue sheep. Blauwe schapen... Geen idee waarom ze zo heten...


 Nog niet echt in zo'n land geweest...


De schuine lijn naar boven in zo ongeveer de hellingsgraad van Thorung Phedi naar High Camp, van 4500 naar 4800 meter, alleen van het gedacht krijg ik terug koppijn... (ik overdrijf, het was eigenlijk best wel tof om te doen)


van High Camp nog even 100 meter hoger naar een uitkijkpunt. Acclimatiseren is belangrijk!


Met koppijn naar boven, 600 meter klimmen, met het gedacht dat het wel zou beteren eens we terug zouden dalen. Verkeerd gedacht. De koppijn werd erger bij het dalen. Normaal naar het schijnt... De 1600 meter naar beneden waren bovendien ook een beproeving voor de knieën, maar de mijne hebben het met glans doorstaan, Ik geloof met dank aan de training in Peru en Nieuw Zeeland. Waarvoor zo'n wereldreis allemaal niet goed is he... Een behoorlijk zwaar dagje, dat om de pas over te steken, maar me dunkt dat het de moeite was.

aah! de zon komt op! gelukkig al ontbeten, zodat we onmiddellijk kunnen vertrekken!


adem in 

adem uit

Goud in mijn mond! vreugdedansje op de pas 

want ik heb 5416 meter hoog gewandeld

en dit uitzicht krijg ik er gratis bij

en den andere kant

het is zowaar nog droger aan de andere kant van de pas...

we zijn er nog maar pas over en de wolk maken zich meester over de pas. Misschien sneeuwt het er nu wel zei Krishna... Een groep Britten moest er dan  nog over, we zagen ze niet meer terug

Eindpunt Muktinath in de diepte: een oase in een woestijn. 

Een paard draagt brandstof over de pas


Eens we in het Hindoeïstische heiligdom Muktinath aankwamen gebruikten we zo veel mogelijk het openbaar vervoer om terug te keren naar Pokhara. De Hollandse meisjes hadden namelijk iets minder tijd dan ons. Door de vele landverschuivingen was dit bij momenten behoorlijk spannend. Maar we vertrouwden compleet op kennis en de wens te blijven leven van de lokalen. Zo stapten we eens uit de bus om met wat stenen een verzakte weg terug vlakker te maken zodat de bus niet in de ravijn zou kantelen. 5 minuten later, wanneer we aan de andere kant vallei rijden, blijkt uit enkele kreten dat diezelfde weg tot in de rivier geschoven was. We wisselen enkele blikken uit en kijken hoe de bus zich een weg baant over de smalle weg langs rotswanden.



links: de zevende hoogste berg ter wereld kijkt uit over Muktinath


Nog 2 uurtjes wandelen na de bus en...

warmwaterbronnen! Feest voor de spieren!

's anderendaags terug twee uur wandelen door wegverzakkingen. Dit is het leukste stuk, zeker omdat het net begon te regenen: de weg werd vervangen door boomstammen en een los touw. 

Na deze spannende passage kropen we in een jeep om verder te gaan. Toen het plots hard begon te regenen leek de chauffeur niet meer te aarzelen. Hij startte de motor en racete zowaar over een modderige weg met links een rotswand waarvan we het einde niet zagen en rechts 20 meter lager een kolkende rivier. De auto zwiepte af en toe redelijk dicht naar een van de twee kanten. En ik op die pas maar denken dat mijn hart snel sloeg... Blijkbaar is de kans bij hevige regen groot dat er bij dit stuk rotsblokken naar beneden komen en deed de chauffeur het dus enkel om ons leven te redden. Eeuwige dankbaarheid voor deze verstandige man. Of zoiets. 

Ondertussen ben ik dus veilig en wel in Pokhara en schrijf ik in mijn hotelkamer op het gemak mijn blog met een fris pintje in de hand. Want het is hier plots weer zo warm. Ideaal om nog even na mijmeren bij het gedacht dat ik de Thoring La, de hoogste bewandelbare pas van de wereld op mijn palmares mag schrijven. En daar ben ik voor meerdere redenen niet rouwig om. Ik denk dat ik nog terug kom naar het dak van de wereld. Maar eerst wil ik nog zo veel andere dingen zien. Te beginnen met India. Morgen. 

Ga nu maar snel mijmeren zoals mij, met een pint op een terras! Ik hoop dat alles goed met jullie gaat en dat je ook wat van vakantie kan genieten. Jullie verdienen het ongetwijfeld. Elk zijnen dag en een zoen.